Waarom snoeien belangrijk is
Een vlinderstruik bloeit het mooist en het langst als je hem regelmatig snoeit. De plant vernieuwt zichzelf door nieuwe takken te vormen, en dat zorgt voor meer bloemen. Laat je hem zijn gang gaan, dan wordt hij houtig, verliest hij kracht en neemt de bloei duidelijk af. Ook kan hij rommelig ogen en sneller van binnen kaal worden.
Snoeien heeft dus meerdere voordelen. De struik blijft compact, gezond en sterk. Bovendien komt de bloei steeds opnieuw op gang, waardoor je langer van de bloemen geniet. Het is voor zowel de uitstraling van je tuin als voor de vlinders een groot voordeel om dit goed bij te houden.
Wanneer snoei je de vlinderstruik?
Het snoeien van een vlinderstruik gebeurt op verschillende momenten in het jaar. Ieder moment heeft zijn eigen doel.
In het vroege voorjaar, zodra de kans op vorst voorbij is, kun je de struik flink terugknippen. Doe dit tot ongeveer dertig centimeter boven de grond. Op die manier krijgt de plant de kans om stevige, nieuwe scheuten te ontwikkelen. Voor oudere struiken kan een snoeizaag handig zijn.
In juni is het tijd om de jonge scheuten te toppen. De struik maakt lange takken, maar door de toppen eruit te knippen vertakt hij zich meer. Dat zorgt voor een sterkere vorm en meer bloemen aan het eind van iedere tak. Bovendien houd je de struik wat compacter, rond de twee meter in plaats van drie meter of meer.
Vanaf augustus begint de plant met bloeien. Dan verschijnen de eerste pluimen. Knip je de uitgebloeide bloemen direct weg, dan stimuleer je dat er steeds nieuwe knoppen ontstaan. Op die manier bloeit de struik door tot in oktober.
